Skip to Content

papaver

vrouw in rood kleedje papavers

'Hij brak zijn been.
En dan zijn nek.

Hij brak haar hart.
Ik denk dat ik zo gek,
genoeg, een dichter werd.'

Op mijn zesde verongelukte mijn papa.
Dat was een klap "die ook zijn kleine meisje niet overleefde".

Ik fietste en schommelde onder liefhebbende ogen verder,
maar huilde ook stilletjes onder mijn kussen,
kroonde mijn teddybeer tot plaatsvervangende prins
en at al even stiekem de chocopot leeg.

Voortaan zou ik de wereld mooier maken dan dat hij is
en liefhebben alsof m'n leven ervan afhangt.
De klaproos werd mijn bloem, kwetsbaar mooi,
desondanks èn dankzij de barre grond waarin zij bloeit.

 


de dichtbundel

 

"Papaver" is een ontroerend sterk portret, geschreven door en voor dat kleine meisje zonder papa. Kinderversjes, gedichten over een onvervulbaar verlangen en over de volwassen vrouw die het leven opnieuw ziet ontluiken in haar eigen kinderen, als 'ouder die hij nooit is geweest, ouder dan hij ooit is geweest'.

gepubliceerd in 2019, in kleine oplage, als 'omslag' en collector's item

vormgeving: Serge Di Marcantonio van Zw.Art Ontwerp
fotografie: Tekahem, Nicholas Rotty, Pascal Baetens en Rudolf Demeulenaere

inhoud: gedichten, songs, fotografie en een requiem voor Bobo de knuffelbeer

 

inkijk dichtbundel Papaver Nele.nu

de voorstelling

'Papaver' is ook een poëtische performance, waarin ik speel, dans en zing rond het thema van de afwezige vader en wat dat met een dochter doet.

Een rake voorstelling rond Vaderdag, Allerheiligen. In je huiskamer of, op z'n allermooist, in een klaprozenveld. Bij de voorstelling hoort een nabespreking/vragenrondje achteraf.

 


ik stak dan maar mijn hele hart
in Bobo, knuffelbeer
ik fluisterde, hij luisterde
want dat deed híj niet meer

 


klaproos

vrouw als klaproos in een veld

klap!
rood.

ik ben een klaproos
een pluk-me-nietje
giftig meisje
papa
ver
slaafd
onkruid op hoge hakken
thuis in arme grond

klap!
rood.
ik ben een klaproos
en hij is de wind

 


het chocopot sonnet

ze blijft dat mooie meisje van zes jaar
je zag haar op de schommel, ze was naakt
met op haar hoofdje wat hij had gemaakt,
een kersenbloesemkransje in het haar

ze blijft dat slimste meisje van de klas
dat jouw verdriet als nietig had verklaard
een dode kat was haar geen tranen waard
onder de kerselaar huilde zij pas

ze blijft dat rare kind dat niet wou spelen
veel liever kroop ze stiekem in de kast
haar liefde voor de eenzaamheid werd groot

ze zocht er wat de lente toen kwam stelen
en at haar tranen, niemand zo tot last
de bloesems waren rot, haar papa dood.

 

naakte vrouw op kerkhof in de sneeuw

 


raak me (lyrics)

vrouw als klaproos in een veld
vrouw als klaproos in een veld
vrouw als klaproos in een veld
vrouw als klaproos in een veld

Vraag niet om een antwoord,
als je zegt: ik zie je graag.
Toch niet één in woorden,
toch niet nu, niet hier, vandaag.
Hoe ik jou bemin, volzin- voor zin,
toon ik je liever zo:
ik raak je… 

Vraag niet wat ik voel en
zeker niet voor jou en
vraag me niet wat ik bedoel,
als ik het toch zeg: ‘k hou van jou.
Maar raak me met gevoel en raak me
heel voorzichtig aan, ja,
raak me….

Laat m’n huid doorzichtig,
als het lichtrood blad van klaproos in de wind,
het witte vel van dichters,
de onbeschreven onschuld van een kind,
’t is zoeken in de schaduw naar een licht
dat iedereen toch maar verblindt,
je vindt ze niet, want daar zijn geen woorden voor…

Dus, liefste, zwijg en…
raak me…raak me…raak me…raak me…

Nee, ik kan echt niet dichter
op jouw huid zitten dan op de tast,
dus vraag me niet om woorden,
maar hou me letterlijker vast
en laat onze lijven maar beschrijven en vertellen
hoe woorden voor de liefde soms maar knellen.

Dus spel haar met je vingers op mijn vel
en ik word helemaal warm,
beroer me, zo ontroer je me echt wel,
als je me zacht omarmt,
dan voel ik hoe de liefde zelf graag is:
magisch en gelaagd,
geen holle woorden, maar de volle laag en
zo heb ik het graag, ja, maar…

Laat m’n huid doorzichtig,
als het lichtrood blad van klaproos in de wind,
het witte vel van dichters,
de onbeschreven onschuld van een kind,
’t is zoeken in de schaduw naar een licht
dat iedereen toch maar verblindt,
je vindt ze niet, want daar zijn geen woorden voor…

Dus, liefste, zwijg en…
raak me…raak me…raak me…raak me…

Vraag niet om een antwoord,
als je zegt: ik zie je graag.
Toch niet één in woorden,
toch niet nu, niet hier, vandaag.
Zelfs dit lied en al mijn poëzie
zeggen niet hoe graag ik jou wel zie

Raak me…